Uvita kent naast de dure hotels – zo rond de honderd dollar per nacht – maar weinig hotels of hostels. Eigenlijk is er geen keus. Dat hoeft ook niet, want de keuze zou waarschijnlijk toch op Tucan gevallen zijn. Maar als het hotel voor de rijken geen water in het zwembad heeft en de Tucan vol zit, waar ga je dan heen?
Bij Tucan drukken ze een kaartje in mijn hand. Los Laureles staat er op. Het is een paar honderd meter verderop. De man met de snor zorgt voor een warm welkom. Al voordat we de kamer gezien hebben laat hij de kaart van Uvita zien. Hier kun je naartoe. En daarnaartoe. Het is een opvuller totdat zoonlief arriveert. Deze spreekt namelijk Engels.
Het duurt even en daar is hij. Victor, net als zijn vader. Hij stelt zich netjes voor en duikt meteen de plattegrond in. Nee, we willen eerst de kamer zien. We willen wel de beste, want het zijn immers onze laatste dagen van de vakantie. Victor neemt ons mee naar de beste kamer. Het blijkt een minuutje lopen te zijn. Ondertussen vertelt hij in perfect Engels over zijn studie in Washington. Hij is nu teruggekeerd om het familiehotel te runnen. Want het is echt een familiehotel, gerund door echte Tico’s. Echt.
Bij het tonen van het huisje vragen we ons af of het wel de mooiste is. Er staat een bed. Ook is er een muurtje gebouwd dat niet tot het plafond reikt. Daarachter zit de douche en de wc. De wc waar ik al een poosje naar verlang. Joss will echter nog meer kamers zien, deze slaapplek kost 40 dollar.
De andere huisjes blijken nog niet af. We kunnen er ook slapen, maar dan moeten ze er nog wel wat rommel opruimen en het bed erin plaatsen. Het lijkt wel of er een volksverhuizing aan de gang is.
Vanwege de (mjin) drang moeten we snel kiezen. Het wordt het huisje. We krijgen niets van de prijs af. We betalen 40 voor de eerste nacht, 35 voor de tweede en 30 voor de derde nacht. Ik onderhandel er dagelijks verse handdoeken bij, want Victor Jr. vervangt deze om de drie dagen. Joss onderhandelt er een zitje bij, zodat we ook buiten kunnen zitten.
Als snel blijken we een miskoop gemaakt te hebben. De airco spuwt dode insecten, de pootjes en rompjes verspreiden zich door de kamer. Een teken dat hier lang niemand heeft geslapen. Het apparaat laat ook niets merken van zijn eigenschappen. Er wordt niets gekoeld. Misschien komt dat door het kapotte raampje dat we achter het gordijntje ontdekken?
De warmste plek in Costa Rica is niet in de krater van vulkaan Arenal. Ook niet om twaalf uur op het strand of in de bloedverzengende jungle. Wij hebben het plekje ontdekt. Het is in het huisje van Los Laureles in Uvita.
Maar goed, we maken een wandeling en komen terug voor het inchecken. Zoon Victor lijkt ons vergeten te zijn. "Spreken jullie Engels of Spaans", vraagt hij. Terwijl we een uitvoerig gesprek met hem hebben gehad. Het plattegrondje komt weer tevoorschijn. "Hier moeten jullie eten", zegt de gastheer. En hier kun je naar het strand.
Het strand is een Nationaal Park. Daarvoor betaal je entree. Een stel Duitsers in Puerto Jiminez heeft ons al uitvoerig verteld waar de shortcut is. "Zoek eerst de oude man in het electronische karretje en hij laat je de shortcut zien", vertellen ze ons enthousiast. Natuurlijk.
Victor zwijgt over de shortcut. Als ik hem er om vraag vertelt hij ons dat het goed is om te betalen ,dat is goed voor het land. Natuurlijk, Vic bepaalt wat wij moeten doen. Die paar dollar willen we best betalen (al schijnt het personeel bij het park vaak geen geld te vragen omdat er toch maar weinig gasten zijn), maar we maken ook graag onze eigen keuzes.
We moeten bijna smeken om het zitje. Na plaatsing blijkt het nutteloos. Buiten is helemaal geen licht. Dat blijkt ook lastig op het donkere pad. We struikelen over de stenen om het terrein te verlaten.
De volgende dag, na ons uitje naar Sierpe, start de zoektocht naar Victor, die zich wel lijkt te verstoppen. Waarom hij vergeten is de handdoeken te verversen? Hij heeft het zo druk, dat hij de enige gasten in het hotel vergeten is. Ondertussen hebben we ontdekt dat we helemaal niet de mooiste kamer hebben gekregen. Het volledig onbevolkte hotel heeft nog meer huisjes die er stukken beter uitzien. Morgenochtend willen we vroeg op. Of we alvast willen betalen. Victor pakt met een stoere zwaai zijn calculator en tikt opzichtig het bedrag in. Met de hoogste transferrate van Costa Rica rekent hij onze dollars in voor Colones. Hij probeert er een slaatje uit te slaan. En nee, met Credit Card betalen kan niet. Je loopt maar naar de bank voor geld.
Nu zijn we het zat. We zeggen dat we morgen om 5.30 betalen en gaan naar onze sauna. Vervolgens loop ik naar de Tucan en reserveer twee bedden in een dorm. Joss pakt ondertussen de tassen in. Los Laureles in Uvita gaat geen cent meer aan ons verdienen.
Met het bedrag contant in de hand lopen we naar Victor, die dit niet heeft zien aankomen. "We slapen nog liever op straat dan in jouw hotel", laten we hem weten. Hij raakt in paniek en pakt arrogant de telefoon om voor ons de Tucan te bellen. We verbieden dit, maar hij doet het toch. Of ze nog bedden hebben. Nee, alleen nog een tentje in de openlucht. Victor lacht schamper. Hij weet niet dat we de laatste bedden hebben geregeld.









